Posts tonen met het label maatschappijleer. Alle posts tonen
Posts tonen met het label maatschappijleer. Alle posts tonen

zaterdag 24 september 2011

29. Geen Nederlands

Van tijd tot tijd geef ik de leerlingen stof op om te leren en daar krijgen ze dan een proefwerk over. In mijn eerste onderwijsjaren streepte ik in de antwoorden van de leerlingen ook de spel- en grammaticafouten aan. Ik rekende dat niet mee (er zijn grenzen), maar, dacht ik, je kunt ze toch niet gewoon laten staan!

Dat vonden de leerlingen flauw. "He meneer, het is toch geen Nederlands."
"Nee", was steevast mijn antwoord, "Dat klopt. Daarom streep ik het aan: 'gebiet' met een 't' is geen Nederlands."
Ook flauw maar je moet wat.

Inmiddels ben ik ermee opgehouden want er is geen beginnen aan. Niet dat het nu zo hopeloos slecht is want eigenlijk valt het best mee, maar bepaalde fouten zijn zo hardnekkig, die krijg je er gewoon niet uit. Dus: laat maar. Het is geen Nederlands, tenslotte.
Maar evengoed kun je je ogen er niet voor sluiten want je moet die proefwerken nu eenmaal lezen. En de laatste jaren valt het me op, dat er nieuwe fouten opduiken, hele typische fouten die door veel leerlingen gemaakt worden.

Héél vroeger was 'oktober' een moeilijke maand, want dat moest met een 'c'. Lang geleden is dat veranderd en 'oktober' wordt al weer tientallen jaren met een 'k' geschreven. Zo niet door een toenemend aantal MTS'ers. Steeds meer leerlingen schrijven oktober met een 'c'. october. En 'vakantie', ook zo'n geval. Dat schrijf je al jaren met een 'k' en toch tref ik het in steeds meer proefwerken met een 'c' aan: vacantie.

Als je er iets van zegt, geloven ze je niet eens altijd, heb ik gemerkt. Tja, het zal wel aan hun woordbeeld liggen. Ze krijgen zo vaak 'october' onder ogen, en 'vacation', dat het zich verkeerd vastzet, in die trage, grijze massa tussen hun oren. En als het er eenmaal verkeerd in zit, is er geen beginnen meer aan.
Maar we houden vol; tenslotte worden we ervoor betaald. En het argument: "Het is toch geen Nederlands, meneer" , beantwoord ik nu met: "Nee, dat klopt, het is Engels." Maar ook dat spreekt de leerlingen niet aan.

Herinneringen aan lessen maatschappijleer aan de RKMTS in tilburg. Deze is van 1995.

zaterdag 5 maart 2011

13. Wil de echte Turk opstaan?

Ik zit achter in de klas stiekem te duimen: laat dit niet ophouden. En gelukkig, het houdt niet op! De klas is in gesprek met zichzelf, over buitenlanders, over seks en over de Islam. Dat gesprek gaat goed en dat is een klein wonder, want deze klas functioneert niet goed. Van tijd tot tijd is er ruzie en dat concentreert zich rondom drie Turkse jongens. Die klitten samen en één van hen is nogal dominant. Dat irriteert. Hij is te serieus bezig, vindt de klas, en hij trapt ook overal in. Dat is dan wel weeer leuk en maakt hem tot een dankbaar object van spot. Lachen!
En nu? Nu houden ze een spreekbeurt. De Turkse jongens hebben het over "Het verschil in houding t.o.v. seks tussen buitenlandse en Nederlandse jongeren."
Het is, vind ik, ontroerend. Ze zijn in Nederland geboren, ze spreken goed Nederlands en nauwelijks Turks, in de achttien jaar van hun leven zijn ze een paar keer op vakantie geweest in Turkije. En als ze 'bij ons' zeggen, edoelen ze: in Turkije.
Hoe gaat het dan, die seks 'bij ons'?
Het beeld dat ze schetsen, is hoe zij vinden dat het zou moeten zijn, in Turkije, onder echte moslims. Het heeft niet zoveel te maken met hoe het er werkelijk aan toe gaat, daar. De Nederlandse jongens voelen dat wel aan en stellen slimme vragen zonder lullig te worden. De Turkse jongens gaan steeds verder in hun idealisering. Iedereen die daar niet aan beantwoordt (de rijke mensen in Turkije, de bedorven mensen in Turkije, de westerse mensen in Turkije, de moderne mensen in Turkije, ja, de mensen in Turkije die in contact komen met de westerse toeristen, enz enz) is eigenlijk geen echte Turk. En in elk geval geen echte moslim.
Stilaan begint het er op te lijken dat een echte Turk 'het' helemaal niet doet, dat seksgedoe, dat dat iets typisch westers is, maar het gesprek gaat verrassend lang door: serieus, onderbroken door grappen die het gesprek een lichtere toets geven maar niet afbreken.
De verlossende ontknoping is tenslotte, dat de Turkse jongens zelf ook niet aan hun ideaalbeeld blijken te beantwoorden. Ze zijn wel eens gezien in de disco, ze zijn wel eens gezien met een glas bier in hun hand, ze zijn wel eens gezien met een meisje ... en één van de Nederlandse jongens zegt: "Ach, jullie zijn zelf ook geen echte Turken, en volgens mij is dat maar goed ook want zo is er toch geen lol aan."
Waarop de hele klas een lachbui krijgt en goedgemutst het lokaal verlaat. Ik wou dat al mijn lessen zo liepen.

In het kader van Het Oude Beroepsonderwijs: herinneringen aan lessen maatschappijleer op de RK MTS in Tilburg, jaren 90.
Deze dateert van oktober 1997