Op maandagavond komen de Eerste Monteurs naar school. Of liever: ze zijn nog monteur, maar ze willen Eerste Monteur worden. Dat krijgen ze beter werk en verdienen ze meer. En dus komen ze twee avonden per week naar school voor vaktheorie en voor Maatschappelijke en Culturele Vorming. Van vaktheorie weet ik niets af, maar maatschappelijk en cultureel vormen, dat kan ik. Denkt de schoolleiding. De monteurs denken hier genuanceerder over.
’s Winters is het best zwaar. Om 6 uur op, om 7 uur naar je werk, de hele dag in koude ruwbouw rondlopen, door kruipruimten kruipen, op trappen klimmen, over steigers klauteren, kabelgoten hangen, kabels trekken, buizen bevestigen. Om 6 uur thuis. Om kwart voor zeven op school en dan drie uur in een warm lokaal zitten luisteren.
Af en toe sukkelt er dus eentje in slaap – ik kan me daar iets bij voorstellen. Maar het zijn leuke lessen, vind ik zelf. En je leert iets over een heel ander soort leven dan onze comfortabele betrekkingen waarin sprake is van sabbatsjaren en roostervrije dagdelen.
Zo had een baas een klus in Guernsey, kanaaleiland. Maar hij zat er een beetje mee: hoe kreeg hij de monteurs zover dat ze enkele weken in het buitenland gingen werken. Voor de kosten was het veruit het gunstigst als hij het in één keer kon afwerken, maar meer dan 3 weken van huis, dat is lang.
Hij stelde voor: 5 dagen achter elkaar 10 uur werken, dan 2 dagen vrij. Maar wel daar blijven.
Flauwekul, vonden de monteurs. 2 dagen vrij? Zonde van de tijd. 1 dag uitrusten is meer dan genoeg. Dus: 6 dagen achter elkaar werken, 10 uur per dag. Dan was de klus in krap 3 weken te doen. Op zaterdag terug.
Okay, zo doen we het. En dan krijgen jullie wat mij betreft een week vakantie.
Een week vakantie? Waar was dat nou weer voor nodig? Gewoon, zaterdagavond terug, zondag vrij en maandagmorgen weer aan het werk.
“Waarom zijn jullie zo fanatiek?” vroeg ik aan Tom, een forse, serieuze knaap. .
“Nou, dat zit zo. We zijn allemaal halverwege de 20 en we hebben verkering (“Oh, met elkaar zeker”, werpt de rest van de klas ertussen), en we willen gaan trouwen dus we kunnen het geld goed gebruiken. Dus we willen wel uren maken. Maar die week vakantie, dat doe ik wel.”
“Ja, mooi, even rustig aan”, begrijp ik hem verkeerd.
“Rustig aan? Niks rustig aan. Ik heb nog een zwarte klus liggen, dat kan ik mooi in die week afwerken, dat betaalt hartstikke goed.”
In de klas informeren de andere jongens pesterig bij Tom wat zijn verloofde daar van vindt, dat hij drie weken weg is. En of zij haar een beetje bezig zullen houden, die weken. Dat willen ze wel doen hoor.
“Jullie?”, grijnst Tom, twee meter lang en één meter breed. “Jacqueline bezig houden? Die lacht zich een breuk als ze jullie aan ziet komen. Die is mij gewend.”
Geen opmerkingen:
Een reactie posten