zaterdag 2 april 2011

18. Men and boys: the difference is the price of their toys

Het is de eerste zaterdag van de grote vakantie en om 08.00 uur meld ik bij de ingang van vliegbasis Gilze-Rijen. Daar staat al een menigte, maar ik heb een pasje dus voor mij doen ze de poort open. Nonchalant fluitend fiets ik tussen geparkeerde bommenwerpers, straaljagers, awacs en helicopters naar shelter 614. De bunker is somber, maar gelukkig hebben we genoeg licht in de ROC-stand. Helaas hebben we niets dat beweegt en geluid maakt. Ik bedoel: iets elektronisch, want zelf bewegen we natuurlijk wel en we maken ook geluid, maar de andere stands (Hogeschool Haarlem, Hogeschool Amsterdam, Standard Aero, TU Delft) hebben beeldschermen waarop je bijvoorbeeld ‘flight simulator’ kunt doen. Ideaal om jongetjespubliek te trekken. En op de Open Dag van de luchtmacht komen veel jongetjes. Jongetjes van 8 en jongetjes van 80 en alles er tussenin.

Veel van die jongetjes hebben gekke petjes op: vechtpetjes, baseball petjes van alle denkbare squadrons en eenheden. Onder die petjes staan hun gezichten opgewonden van dat mooie spul van de luchtmacht, en onder die gezichten dragen ze fantasievolle uitrustingen (speelgoedkleren): quasi militaire bodywarmers met veel zakken en zakjes, t-shirts met strijdlustige opschiften en beeltenissen, gevechtsbroeken. Veel laarzen ook, of halfhoge schoenen.

Af en toe komt er een groepje rustige mannen langs in kale, geheel van fantasie gespeende overalls. Ze worden met ontzag bekeken door de speelgoedklerendragers: dat zijn echte, de vliegers van een of ander stuntteam.

Ik ben natuurlijk ook een jongetje en ik vind al die spullen ook mooi, maar ik ben vandaag on duty dus ik draag een keurig pak en een fleurige stropdas. In het kader van promotie van onze luchtvaartopleidingen staan we op de Open Dag van de Koninklijke Luchtmacht in Gilze-Rijen. Wat later komen onze stewardessen in een fraai, blauwe pakje het roc-team versterken. Ja, dat is mooi, stewardessen, dat trekt ook jongetjes dus het loopt best goed.

Hoe gaat het dan verder op zo’n dag? Ach, z’n gangetje. Komt er een meisje langs dan roep je: opleiding tot stewardess – niks voor jou? Komt er een jongen langs dan roep je: Luchtvaarttechniek, hartstikke leuk joh. Je verveelt je wat, je loopt eens de hal uit de open lucht in. Er komen collega’s langs, dat is leuk. En elke keer als je een haffel pepermuntjes over de tafel uitstrooit duiken uit het niets bendes jongetjes van een jaar of tien op en graaien die weer van tafel – in een mum van tijd zijn de versnaperingen verdwenen.

Drie keer probeer ik ‘luchtvaarttechniek’ te slijten aan jongens die al bij ons op school zitten: luchtvaartleerlingen zijn natuurlijk zeer geïnteresseerd in de luchtmacht. Er komt iemand langs die generatoren aan onze school wil schenken om aan te sleutelen. Er komt iemand langs van Schiphol: die wil met ons samenwerken maar dan moeten we wel voldoen aan de JAR 137.

Moe fiets ik om zes uur naar huis. Voldaan? Ha, wat heet? Hartstikke trots ben ik. De Fokker Luchtvaart School stond er. Standard Aero. Hogeschool Haarlem. Stork Aviation. Hogeschool Amsterdam. TU Delft. TNO. Het Nederlands Luchtvaartcollege. En daartussen: ‘ROC Midden-Brabant. Luchtvaartopleidingen.’

Zegt het voort, zegt het voort.

Gerard Sanberg

In het kader van 'het oude beroepsonderwijs' haal ik hier herinneringen op aan de RK MTS in Tilburg.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten